Modelleren
Teken en bewerk BPMN-procesmodellen in de visuele editor.

Wat is Modelleren?
Met Modelleren teken je visuele procesmodellen in het BPMN 2.0 formaat. Je sleept elementen naar het canvas, verbindt ze en voegt swimlanes toe voor rolverdeling. De AI-assistent kan een eerste model voorstellen op basis van je proceskennis. Je kunt modellen exporteren en valideren.
Mogelijkheden
- BPMN 2.0 editor met drag-and-drop
- Swimlanes voor rolverdeling
- Gateways, events en subprocessen
- AI-assistent voor modelgeneratie en aanpassingen via chat
- Import van BPMN-bestanden en afbeeldingen (Visio, foto)
- Export naar BPMN XML, SVG en PNG
- Modelvalidatie met AI-ondersteunde fixes
- Deelprocessen als aparte diagrammen
- Workshoptools: sticky notes, opmerkingen, timer en deelnemers
Zo gebruik je Modelleren
Model starten
- Open Modelleren vanuit de werkruimte van je proces.
- Een startdialoog verschijnt met de volgende opties:
- Genereer vanuit proceskennis — gebruik activiteiten en rollen uit je workshop (aanbevolen als je proceskennis hebt).
- Start met blanco canvas — bouw je diagram handmatig op.
- Laat AI genereren — beschrijf je proces en laat AI een eerste BPMN-model maken. Je kunt extra context of een referentiedocument uploaden (.txt, .md, .pdf, .docx).
- Bestand importeren — upload een bestaand BPMN-bestand (.bpmn, .xml) of een afbeelding van een procesmodel (.png, .jpg).

Begin altijd met de happy flow. Voeg uitzonderingen en alternatieve paden later toe.
Elementen toevoegen
- Klik op een element in het elementenpalet links op het canvas (activiteit, gateway, event).
- Sleep het element naar de gewenste positie op het canvas.
- Klik op een element om het te selecteren en de naam te bewerken.
- Verbind elementen door van het ene element naar het andere te slepen.
- Pas de naam aan: begin altijd met een werkwoord (bijv. “Controleer factuur”).

Het elementenpalet bevat de volgende typen:
| Element | Gebruik |
|---|---|
| Activiteit | Een handeling in het proces |
| Startgebeurtenis | Het begin van het proces |
| Eindgebeurtenis | Het einde van het proces (of van een pad) |
| Gateway | Een beslispunt of samenvoegpunt |
| Tussengebeurtenis | Een gebeurtenis tijdens het proces (bijv. timer, bericht) |
Swimlanes toevoegen
- Sleep een participant (pool) vanuit het elementenpalet naar het canvas.
- Geef de swimlane een naam (de rol of afdeling).
- Sleep activiteiten naar de juiste swimlane.
- Voeg meer lanes toe door op de rand van een bestaande pool te klikken en Lane toevoegen te kiezen.

Gateways en beslismomenten
- Sleep een gateway vanuit het elementenpalet naar het canvas.
- Kies het type: exclusief (XOR), parallel (AND) of inclusief (OR).
- Verbind de gateway met de uitgaande paden.
- Klik op elke verbindingslijn om een conditie in te stellen (bijv. “Goedgekeurd” / “Afgekeurd”).
- Zorg dat elk pad een duidelijk eindpunt heeft.

Stapeigenschappen bewerken
- Klik op een activiteit in het diagram om deze te selecteren.
- Open de zijbalk rechts via de knop aan de rechterkant van het canvas.
- Bewerk de Stapnaam, Wat gebeurt er? (beschrijving) en Aantekeningen.
- De Uitvoerder / Rol wordt automatisch bepaald op basis van de swimlane.
- Als je proceskennis hebt, schakel dan naar het tabblad Bronnen om je workshopresultaten te raadplegen.
Deelprocessen
Deelprocessen zijn subprocessen binnen je hoofdproces. Ze verschijnen als ingeklapte blokken op de hoofdplaat. Dubbelklik om het detail-diagram te openen.

Deelprocessen vanuit proceskennis
Als je stappen hebt gegroepeerd op het proceskennisbord, worden deze automatisch deelprocessen in het BPMN-diagram.
- Groepeer stappen op het proceskennisbord (zie Proceskennis).
- Open Modelleren en kies Genereer vanuit proceskennis.
- Elke groep verschijnt als een ingeklapt subprocess op de hoofdplaat.
- Dubbelklik op een subprocess om het detail-diagram te openen.
Bij de eerste keer openen wordt het detail-diagram automatisch gegenereerd vanuit de processtappen in die groep.
Externe partijen en berichtstromen
Externe partijen (zoals klanten of leveranciers) verschijnen als zwarte balken boven of onder je procesdiagram. Berichtstromen (stippellijnen) tonen de communicatie.
- Inkomende berichten verschijnen als een stippellijn van de externe partij naar je proces.
- Uitgaande berichten verschijnen als een stippellijn van je proces naar de externe partij.
- Als het eerste processtap een inkomend bericht ontvangt, wordt het start-event automatisch een berichtstart (envelop-icoon).
Externe partijen en berichten worden automatisch herkend als je ze hebt gekoppeld op het proceskennisbord.
AI-assistent gebruiken
De AI-assistent helpt je bij het aanpassen en verbeteren van je model:
- Klik op de AI Assistent-knop in de werkbalk links (toverstaf-icoon) of op Vraag AI rechtsonder.
- Het chatvenster opent met snelle acties: Taak toevoegen, Beslissing en Goedkeuring.
- Beschrijf wat je wilt in het chatvenster (bijv. “Voeg een goedkeuringsstap toe na de controle”).
- De assistent past het BPMN-model direct aan op basis van je verzoek.
- Gebruik ongedaan maken in de werkbalk links als je een wijziging wilt terugdraaien.

De AI-assistent werkt het beste voor gerichte aanpassingen. Gebruik het startdialoog voor het genereren van een volledig model.
Workshoptools
De werkbalk links bevat tools voor samenwerking tijdens workshops:
- Sticky notes — plaats gekleurde notities op het canvas om aandachtspunten te markeren.
- Opmerkingen — voeg opmerkingen toe aan het diagram voor discussie.
- Timer — gebruik de timer om workshoponderdelen te timeboxen.
- Deelnemers — bekijk wie er deelneemt aan de sessie.
- Deel sessie — kopieer een link om de sessie te delen.
Model valideren
- Klik op Valideer in de toolbar bovenaan.
- Flowstudio controleert het model op BPMN 2.0 fouten.
- Fouten en waarschuwingen verschijnen in een zijpaneel met het aantal fouten en waarschuwingen.
- Selecteer fouten die je wilt laten repareren en klik op AI fixes genereren.
- Bekijk de voorgestelde fix en klik op Toepassen om de wijziging door te voeren.
- Gebruik ongedaan maken als een fix niet het gewenste resultaat geeft.

Model exporteren
- Klik op Exporteren in de toolbar bovenaan.
- Kies een formaat: BPMN 2.0 XML, SVG Afbeelding of PNG Afbeelding.
- Of klik op Naar Procesbeschrijving om het model door te zetten als bron voor je procesbeschrijving.
Model reviewen
Een goed model is leesbaar zonder extra uitleg. Controleer voor het afronden:
- Controleer of elke route een logisch begin- en eindpunt heeft.
- Controleer of elke gateway precies de juiste uitgaande paden heeft.
- Controleer of activiteitnamen consistent zijn (werkwoord + zelfstandig naamwoord).
- Vraag een collega om het model na te vertellen. Lukt dat zonder vragen, dan is het model duidelijk.
- Exporteer het model of zet het door naar Procesbeschrijving via Exporteren > Naar Procesbeschrijving.

Veelgestelde vragen
Wat als validatie fouten geeft?
Selecteer de fouten in het validatiepaneel en klik op AI fixes genereren. Flowstudio stelt per fout een oplossing voor die je kunt bekijken en toepassen. Veel voorkomende fouten zijn ontbrekende eindgebeurtenissen of niet-verbonden elementen.
Kan ik het model doorzetten naar Procesbeschrijving?
Ja. Klik op Exporteren > Naar Procesbeschrijving in de toolbar. Het model wordt dan als bron beschikbaar in de Procesbeschrijving-wizard.
Kan ik een bestaand diagram importeren?
Ja. In het startdialoog kies je Bestand importeren. Je kunt een BPMN-bestand (.bpmn, .xml) uploaden of een afbeelding van een procesmodel (.png, .jpg). Flowstudio herkent de elementen in de afbeelding en genereert een bewerkbaar BPMN-diagram.
Tips
- Houd 1 detailniveau per diagram. Splits het model in deelprocessen als de leesbaarheid daalt.
- Begin activiteitnamen met een werkwoord: “Controleer factuur”, niet “Factuurcontrole”.
- Gebruik alleen BPMN-elementen die nodig zijn. Niet elk diagram heeft parallelle gateways nodig.
- Valideer het model voordat je het exporteert of doorzet naar Procesbeschrijving.
- Gebruik sticky notes tijdens een workshop om aandachtspunten direct bij het diagram te plaatsen.